Dit vintage haakpatroon voor een damesvest komt uit een oud handgeschreven familiepatroon. Het is een vest voor tante Hennie. Het vest wordt gehaakt in grijs met strepen in blauw, oudroze en groen. Door de vasten steeds in de achterste lus te haken, krijgt het vest een mooie geribbelde structuur. De mouwen worden afgewerkt met gebreide boorden.
Het oorspronkelijke patroon is geschikt voor maat 36/38, 40/42 en 44/46. Ik heb de handgeschreven beschrijving zo zorgvuldig mogelijk omgezet naar moderne haaktermen.



Gehaakt vest – vintage haakpatroon
Dit handgeschreven patroon voor een gehaakt damesvest komt uit een ouder familie-handwerkboek. Het vest wordt in vasten gehaakt, waarbij steeds alleen in de achterste lus wordt ingestoken. Daardoor ontstaat een mooi ribbelachtig patroon. De grijze basiskleur wordt afgewisseld met smalle strepen in blauw, oudroze en groen.
Het patroon is beschreven voor:
maat 36/38
maat 40/42
maat 44/46
Bovenwijdte
84/88 – 92/96 – 100/106 cm
Jaswijdte
100 – 116 – 124 cm
Volgens het oorspronkelijke patroon heb je ongeveer nodig:
800 – 850 – 900 gram grijs garen
ongeveer 100 gram blauw
ongeveer 100 gram oudroze
ongeveer 100 gram groen
haaknaald 4 mm
breinaalden 3 mm
6 knopen
De oorspronkelijke garensoort is niet vermeld. Kies daarom een garen dat prettig verwerkt met haaknaald 4 mm.
Gebruikte steken
Losse (l)
Vaste (v)
De vasten worden steeds alleen in de achterste lus van de steek gehaakt.
Hierdoor ontstaat een geribbelde structuur.
Kleurverdeling
Herhaal steeds:
12 toeren grijs
2 toeren blauw
2 toeren oudroze
2 toeren groen
Herhaal daarna opnieuw vanaf de 12 grijze toeren.
Begin met een ketting waarmee je 37 vasten kunt haken.
Haak 37 vasten en markeer de middelste vaste.
De middelste steek is steek 19.
Haak vanaf nu de vasten steeds alleen in de achterste lus.
In de gemarkeerde middelste steek worden in iedere toer 3 vasten in dezelfde steek gehaakt.
Meer daarnaast aan het begin van iedere toer 1 vaste.
Verplaats de steekmarkeerder steeds naar de middelste van de 3 vasten die je in de gemarkeerde steek hebt gehaakt.
Haak verder volgens de aangegeven kleurverdeling.
Ga door totdat de onderkant van het rugpand ongeveer:
54 cm voor maat 36/38
58 cm voor maat 40/42
62 cm voor maat 44/46
breed is.
Vanaf dit punt worden de zijnaden gevormd.
Minder aan het begin en einde van iedere toer telkens 1 vaste.
Ga hiermee door totdat het werk, gemeten middenachter, ongeveer:
66 cm voor maat 36/38
68 cm voor maat 40/42
70 cm voor maat 44/46
hoog is.
De zijnaad is op dat moment ongeveer 46 cm lang.
Nu is het midden van de achterhals bereikt.
Werk vanaf hier beide zijden afzonderlijk verder.
Haak tot 1 vaste vóór het midden van het werk en keer.
Minder bij de halszijde telkens 1 vaste.
Laat voor het armsgat eenmaal:
5 vasten bij maat 36/38
6 vasten bij maat 40/42
7 vasten bij maat 44/46
ongehaakt.
Ga daarna verder met minderen totdat nog 3 vasten over zijn.
Haak deze laatste steken samen af.
Werk de andere helft van het rugpand gespiegeld.
Begin opnieuw met een ketting waarmee je 37 vasten kunt haken.
Haak 37 vasten.
Markeer de laatste vaste. Deze zijde vormt middenvoor.
Haak verder in vasten, steeds alleen in de achterste lus.
Meer volgens het oorspronkelijke patroon bij middenvoor.
Haak verder volgens dezelfde kleurverdeling als bij het rugpand.
Ga door totdat de onderkant ongeveer:
27 cm voor maat 36/38
29 cm voor maat 40/42
31 cm voor maat 44/46
breed is.
Vorm de zijnaad op dezelfde manier als bij het rugpand.
Begin met de hals wanneer middenvoor ongeveer:
60 cm voor maat 36/38
61 cm voor maat 40/42
62 cm voor maat 44/46
hoog is.
Minder voor de hals:
5 × 1 vaste voor maat 36/38
6 × 1 vaste voor maat 40/42
7 × 1 vaste voor maat 44/46
Haak daarna verder totdat dezelfde hoogte als het rugpand is bereikt.
Vorm het armsgat op dezelfde hoogte en op dezelfde manier als bij het rugpand.
Hecht af.
Haak het rechtervoorpand als spiegelbeeld van het linkervoorpand.
Begin de mouw op dezelfde wijze als het rugpand.
Haak verder totdat de breedte van de mouw ongeveer 50 cm bedraagt of overeenkomt met de lengte van het armsgat.
Minder vervolgens aan beide zijden zoals bij de zijnaden van het rugpand.
Haak verder totdat de mouw, gemeten in het midden, ongeveer:
43 cm voor maat 36/38
44 cm voor maat 40/42
45 cm voor maat 44/46
Hoog is.
Werk daarna beide zijden afzonderlijk af.
Neem langs de onderkant van iedere mouw met breinaalden 3 mm ongeveer:
38 steken voor maat 36/38
42 steken voor maat 40/42
46 steken voor maat 44/46
op.
Brei ongeveer 8 cm boordsteek:
1 steek recht, 1 steek averecht.
Kant daarna soepel af.
Sluit de schoudernaden.
Naai vervolgens de mouwen in de armsgaten.
De 5 – 6 – 7 steken van de armsgatuitsparing komen bij de mouwnaad.
Sluit daarna de mouwnaden en zijnaden.
Haak langs beide voorpanden en langs de achterhals 5 toeren vasten.
Knoopsgaten
Maak in de 3e toer van de rechtervoorbies 6 knoopsgaten.
Maak ieder knoopsgat als volgt:
2 lossen, 1 vaste overslaan.
Het bovenste knoopsgat komt ongeveer 1 cm onder de hals.
Het onderste knoopsgat komt ongeveer 22 cm boven de onderkant.
Verdeel de overige 4 knoopsgaten gelijkmatig over de tussenliggende ruimte.
Haak langs de onderrand van het vest nog 1 toer:
*1 vaste, 1 losse*
Herhaal van * tot * langs de gehele onderrand.
Dit patroon is overgenomen en gemoderniseerd aan de hand van een oud handgeschreven familiepatroon. De oorspronkelijke beschrijving gebruikt verouderde formuleringen en bevat op enkele plaatsen aanwijzingen die voor meerdere interpretaties vatbaar zijn.
Ik heb het patroon zo zorgvuldig mogelijk uitgeschreven in moderne haaktermen, maar deze versie is nog niet volledig proefgehaakt. Daardoor kunnen er nog onduidelijkheden of kleine afwijkingen in de constructie, steekverdeling of maatvoering voorkomen.
Gebruik dit patroon daarom als een reconstructie van het oorspronkelijke vintage patroon en controleer tijdens het haken regelmatig de vorm en afmetingen. Maak bij voorkeur eerst een proefstuk.
Heb je dit vest gehaakt en ontdek je een fout of een betere interpretatie van een passage? Dan hoor ik dat graag, zodat het patroon verder kan worden verbeterd.